Op een zaaibed
Een zaaibed heeft meestal kleinere afmetingen. Bijvoorbeeld 1 x 1 meter.
U strooit de zaden zo gelijk mogelijk uit. Dit noemt men breedwerpig zaaien. Na opkomst plant u de plantjes uit op hun uiteindelijke plaats van bestemming. Op de verpakking staat aangegeven op welke afstanden dit het beste kan gebeuren. Met de vermelding 40 x 30 cm wordt bedoeld: een afstand tussen 2 rijen van 40 cm, en een afstand tussen 2 plantjes van 30 cm.
Direct ter plaatse
Dit kan op twee manieren, namelijk breedwerpig of op regels. Met een uitzaai op regels wordt bedoeld dat u de zaden in een van te voren getrokken geultje uitstrooit.
Voor de uitzaai ter plaatse gelden de volgende vuistregels:
- Fijn zaad erg ondiep zaaien of zelfs gewoon boven op de grond.
- Grover zaad iets dieper, maar nooit dieper dan 1 à 2 cm.
Bij uitzaai onder glas of vollegrond dient u de grond altijd licht aan te drukken, bijvoorbeeld met de achterkant van een spade, zodat u altijd een gesloten zaaibed heeft. Ook een voorzichtige watergift met een gieter is onmisbaar.
Als er te veel plantjes bij elkaar staan, moet u deze uitdunnen. Dat wil zeggen dat u er een aantal plantjes tussen uit trekt. Deze plantjes kunt u eventueel daarna opnieuw op de gewenste afstand uitplanten.