TUINDERSJARGON
De professionele tuinders gebruiken vaktaal. Onderstaand een overzicht van de veel gebruikte woorden met de verklaring.
Wit of echte meeldauw : schimmelziekte bij planten
Dieven : het verwijderen van jonge zijscheuten in de bladoksel
Schieten : de plant vormt bloeistengels en is eigenlijk niet meer geschikt voor
consumptie
Resistent : niet vatbaar voor bepaalde plantenziekten of virussen
Raam/éénruiter : glas op de broeibak, afmeting 80 x 150 cm
Pollen : het bij elkaar leggen van zaden in groepjes
Weeuwenteelt : het in de herfst zaaien van koolsoorten onder ‘koud’ glas en in het
vroege voorjaar uitplanten
Fysio : één bepaald type schimmel of virus
Smet : een schimmelaantasting
Tolerant : het vermogen van de plant om een bepaalde ziekte te verdragen